Stadsdistributie | Leerplandoelstellingen

TSO Handel - Derde Graad

LEERPLANDOELSTELLINGEN

Go! (2008/063)

Bedrijfseconomie

  • 2.6.1 De keuze voor een vestigingsplaats bepalen en toelichten
  • 2.6.3 Een concurrentiestudie uitvoeren en toelichten
  • 2.6.4 Verschillende distributiekanalen herkennen en enkele kenmerken opzoeken en toelichten
  • 4.2.1 De zwakke en sterke punten uit een marketingplan en een financieel plan afleiden
  • 4.2.2 De kansen en opportuniteiten uit een marketingplan en een financieel plan afleiden

OVSG(0/2/2014/313)

  • 144 Het belang van een goede relatie met de diverse stakeholders kunnen toelichten
  • 147 Het gebruik van e-commerce in beide marktsegmenten kunnen illustreren met concrete voorbeelden
  • 148 De keuze van de vestigingsplaats voor de onderneming kunnen verantwoorden.

KOV (2017/005)

  • 36 De economische omgeving indelen in sectoren en van elk een voorbeeld noemen
  • 70 Het begrip marketingplan toelichten
  • 73 Het begrip e-business omschrijven
  • 74 Het begrip e-commerce en de voordelen van e-commerce formuleren
  • 75 Het belang van e-commerce binnen de Belgische economie toelichten
  • 80 De rol van aandeelhouders en banken als financier van de onderneming aan de hand van een begrippenkader beschrijven
  • 84 Het begrip marktonderzoek en de soorten marktonderzoek omschrijven
  • 85 Het marktonderzoekproces omschrijven
  • 88 De indeling van producten en diensten omschrijven aan de hand van voorbeelden
  • 102 De wet van vraag en aanbod illustreren en toelichten met behulp van een grafiek
  • 103 Het verloop van de vraagcurve en van de aanbodcurve verklaren
  • 104 Met voorbeelden aantonen dat nog andere elementen de prijs kunnen bepalen
  • 110 De methoden van prijszetting toelichten en met voorbeelden illustreren
  • 121 Het begrip distributiekanaal en de soorten distributiekanalen toelichten
  • 122 De factoren verklaren die de keuze van het distributiekanaal beïnvloeden en toelichten aan de hand van voorbeelden
  • 125 Elementen die de keuze van de vestigingsplaats bepalen opsommen en duiden vanuit praktische situaties
  • 126 De voor- en nadelen van kopen, huren of leasen van een vestigingsplaats motiveren
  • 136 De functie van het winkelpand, de inkom, de etalage en de winkelomgeving omschrijven en illustreren met voorbeelden

VAKOVERSCHRIJDENDE EINDTERMEN

STAM:

  • 1: Lln brengen belangrijke elementen van communicatief handelen in praktijk (communicatief vermogen)
  • 2: Lln kunnen originele ideeën en oplossingen ontwikkelen en uitvoeren (creativiteit)
  • 4: Lln blijven, ondanks moeilijkheden, een doel nastreven (doorzettingsvermogen)
  • 5: Lln houden rekening met de situatie, opvattingen en emoties van anderen
  • 8: Lln benutten leerkansen in diverse situaties (exploreren)
  • 9: Lln zijn bereid zich aan te passen aan wisselende eisen en omstandigheden (flexibiliteit)
  • 11: Lln kunnen gegevens, handelwijzen en redeneringen ter discussie stellen a.d.h. van relevante criteria (kritisch denken)
  • 12: Lln zijn bekwaam om alternatieven af te wegen en een bewuste keuze te maken
  • 13: Lln kunnen onderwerpen benaderen vanuit verschillende invalshoeken
  • 16: Lln houden rekening met ontwikkelingen bij zichzelf en bij anderen, in samenleving en de wereld
  • 18: Lln gedragen zich respectvol (respect)
  • 19: Lln dragen actief bij tot het realiseren van gemeenschappelijke doelen (samenwerken)
  • 20: Lln nemen verantwoordelijkheid op voor het eigen handelen, in relaties met anderen en in de samenleving (verantwoordelijkheid).

CONTEXT:

Context 4: Omgeving en duurzame ontwikkeling

  • 2: Lln herkennen in duurzaamheidsvraagstukken de verwevenheid tussen economische, sociale en ecologische aspecten en herkennen de invloed van techniek en beleid
  • 4: Lln zoeken naar duurzame oplossingen om de lokale en globale leefomgeving te beïnvloeden en te verbeteren

Context 6: Socio-economische samenleving

  • 5: Lln geven voorbeelden van het veranderlijk karakter van arbeid en economische activiteiten
  • 6: Lln geven voorbeelden van factoren die de waardering van goederen en diensten beïnvloeden
  • 9: Lln lichten de rol toe van ondernemingen, werkgevers- en werknemersorganisaties in een nationale en internationale context

Context 7: Socioculturele samenleving

  • 1: Lln beschrijven de dynamiek in leef- en omgangsgewoonten, opinies, waarden en normen in eigen en andere sociale en culturele groepen
  • 3: Lln illustreren het belang van sociale samenhang en solidariteit.

LEREN LEREN:

  • 3: De leerlingen kunnen diverse informatiebronnen en -kanalen kiezen en raadplegen met het oog op te bereiken doelen
  • 4: De leerlingen kunnen verwerkte informatie vakoverstijgend en in verschillende situaties functioneel toepassen
  • 5: De leerlingen kunnen informatie samenvatten
  • 6: De leerlingen kunnen op basis van hypothesen en verwachtingen mogelijke oplossingswijzen realistisch inschatten en uitvoeren
  • 7: De leerlingen evalueren de gekozen oplossingswijze en de oplossing en gaan eventueel op zoek naar een alternatief

ASO Economie - Derde graad

LEERPLANDOELSTELLINGEN

Go! (2006/042)

Bedrijfsbeleid

  • 1.1 De begrippen onderneming en bedrijf onderscheiden op basis van concrete voorbeelden en het belang van het winstprincipe toelichten
  • 1.2 Het begrip organisatie toelichten op basis van haar definitie elementen (hierbij is het van belang te wijzen op de organisatie als samenwerkingsverband van mensen)
  • 1.3 Aantonen dat naast het winstprincipe een onderneming ook een verantwoordelijkheidsopdracht heeft m.b.t. zorg voor het milieu, klantgerichtheid en welbevinden van de werknemer
  • 1.4 Aantonen dat ondernemingen ook andere doelstellingen kunnen nastreven zoals ethisch en duurzaam ondernemen
  • 2.2.3.1 Het marktonderzoek begripsmatig omschrijven, het nut van een marktonderzoek aantonen en de werkwijze bij het voeren van een marktonderzoek omschrijven en toepassen

Complementair gedeelte bedrijfsbeheer

  • 1.2.4.1 De keuze van een mogelijke vestigingsplaats motiveren
  • 1.2.4.2 De voor- en nadelen van een mogelijke vestigingsplaats beoordelen in een concrete situatie

OVSG (0/2/2006/298)

Onderzoekscompetentie

  • 1. Over een economisch vraagstuk een onderzoeksopdracht kunnen voorbereiden, uitvoeren en evalueren.

Algemene economie

  • 11. De taken van de overheid kunnen analyseren en evalueren
  • 18. Kunnen illustreren dat aan economische groei positieve en negatieve aspecten verbonden zijn
  • 19. Voorbeelden kunnen geven van maatregelen die duurzame groei bevorderen
  • 20. De invloed van bepaalde gebeurtenissen op de economische activiteit en op de prijzen, onder woorden kunnen brengen en grafisch kunnen weergeven.

Bedrijfseconomie

  • 26. Investeringsbeslissingen kunnen beoordelen
  • 30. De rol van het persoonsbeleid bij het optimaliseren van de ondernemingsprestaties kunnen toelichten
  • 31. Aan de hand van de marketingmix kunnen aangeven hoe de onderneming zich op de markt competitief tracht op te stellen

KOV (2006/051)

Onderzoekscompetenties

De leerlingen kunnen:

  • zich oriënteren op een onderzoeksprobleem door gericht informatie te verzamelen, te ordenen en te bewerken
  • over een economisch vraagstuk een onderzoeksopdracht voorbereiden, uitvoeren en evalueren
  • de onderzoeksresultaten en conclusies rapporteren en ze confronteren met andere standpunten

Algemene economie

  • Argumenteren waarom de overheid ingrijpt op competitieve markten en aangeven welke instrumenten ze hiervoor gebruikt (SET 2)

Bedrijfswetenschappen

  • Het begrip continuïteit van een onderneming omschrijven en het belang voor de stakeholders aangeven
  • Aantonen dat een onderneming naast een economische verantwoordelijkheid ook een sociale en ecologische verantwoordelijkheid draagt

VAKOVERSCHRIJDENDE EINDTERMEN

STAM:

  • 1: Lln brengen belangrijke elementen van communicatief handelen in praktijk (communicatief vermogen)
  • 2: Lln kunnen originele ideeën en oplossingen ontwikkelen en uitvoeren (creativiteit)
  • 4: Lln blijven, ondanks moeilijkheden, een doel nastreven (doorzettingsvermogen)
  • 5: Lln houden rekening met de situatie, opvattingen en emoties van anderen
  • 8: Lln benutten leerkansen in diverse situaties (exploreren)
  • 9: Lln zijn bereid zich aan te passen aan wisselende eisen en omstandigheden (flexibiliteit)
  • 11: Lln kunnen gegevens, handelwijzen en redeneringen ter discussie stellen a.d.h. van relevante criteria (kritisch denken)
  • 12: Lln zijn bekwaam om alternatieven af te wegen en een bewuste keuze te maken
  • 13: Lln kunnen onderwerpen benaderen vanuit verschillende invalshoeken
  • 16: Lln houden rekening met ontwikkelingen bij zichzelf en bij anderen, in samenleving en de wereld
  • 18: Lln gedragen zich respectvol (respect)
  • 19: Lln dragen actief bij tot het realiseren van gemeenschappelijke doelen (samenwerken)
  • 20: Lln nemen verantwoordelijkheid op voor het eigen handelen, in relaties met anderen en in de samenleving (verantwoordelijkheid)

CONTEXT:

Context 4: Omgeving en duurzame ontwikkeling

  • 2: Lln herkennen in duurzaamheidsvraagstukken de verwevenheid tussen economische, sociale en ecologische aspecten en herkennen de invloed van techniek en beleid
  • 4: Lln zoeken naar duurzame oplossingen om de lokale en globale leefomgeving te beïnvloeden en te verbeteren

Context 6: Socio-economische samenleving

  • 5: Lln geven voorbeelden van het veranderlijk karakter van arbeid en economische activiteiten
  • 6: Lln geven voorbeelden van factoren die de waardering van goederen en diensten beïnvloeden
  • 9: Lln lichten de rol toe van ondernemingen, werkgevers- en werknemersorganisaties in een nationale en internationale context

Context 7: Socioculturele samenleving

  • 1: Lln beschrijven de dynamiek in leef- en omgangsgewoonten, opinies, waarden en normen in eigen en andere sociale en culturele groepen
  • 3: Lln illustreren het belang van sociale samenhang en solidariteit.

LEREN LEREN: 

  • 3: De leerlingen kunnen diverse informatiebronnen en -kanalen kiezen en raadplegen met het oog op te bereiken doelen
  • 4: De leerlingen kunnen verwerkte informatie vakoverstijgend en in verschillende situaties functioneel toepassen
  • 5: De leerlingen kunnen informatie samenvatten
  • 6: De leerlingen kunnen op basis van hypothesen en verwachtingen mogelijke oplossingswijzen realistisch inschatten en uitvoeren
  • 7: De leerlingen evalueren de gekozen oplossingswijze en de oplossing en gaan eventueel op zoek naar een alternatief